Opinie: Nederland watershockproof, te beginnen in de Rijnmond
De Rijnmond is de plek waar waterveiligheid, zoetwater, economie én nationale veiligheid elkaar raken. Een gebied dat letterlijk en figuurlijk de toekomst van Nederland vormt.
In dit opiniestuk deelt dijkgraaf Jan Bonjer waarom we nú moeten nadenken over hoe we Nederland watershockproof maken - te beginnen hier, in de Rijnmond.
Van de drooggelegen zandgronden, uit de verzakkende veenweidegebieden, van het platteland en uit de stad komen ze, met vele tientallen, zelfs honderden. Alsof er op 13 november in Breda een markt is die je niet mag missen als je iets met water en weerbaarheid hebt. ‘Zij’ zijn de gelukkige deelnemers van het jaarlijkse Deltacongres, een theater van de toekomst dat intussen een serieuze wachtlijst kent.
Waarom trekt de toogdag van de Deltacommissaris zo aan? Hij is regeringscommissaris die met gevoel voor timing, inlevingsvermogen en zo nu en dan een grapje bestuurders, inwoners en bedrijven begeleidt op hun reis van onweerlegbare klimaattrends naar onafwendbare keuzen.
Peter Glas, de vorige Deltacommissaris, werd niet moe de trends te herhalen: nat wordt natter, droog wordt droger, heet wordt heter. Extremen kunnen elkaar bovendien snel afwisselen. Ziedaar de grilligheid van het snel veranderende klimaat dat ook nog eens een lokaal sterk verschillend weerpatroon op de kaart van Nederland print.
De huidige Deltacommissaris, Co Verdaas, houdt ons onontkoombare vraagstukken voor die binnen afzienbare termijn moeten leiden tot keuzen. Dan gaat het bijvoorbeeld over de landelijke waterverdeling, in wezen een verdeling van toenemende schaarste. Tijdens de zomer voeren de door slinkende gletsjers en schaarsere regenval gevoede rivieren minder water naar het benedenstroomse gebied aan. Als de Rijn bij Lobith minder dan 1000 kubieke meter per seconde aanbiedt, neemt de alertheid van de rijks- en regionale waterbeheerders snel toe.
Stroomafwaarts gaat de serie onontkoombare vraagstukken verder: welk landsdeel krijgt welk deel van wat ooit een eeuwige bron leek? Een rantsoenregeling voor regionale regentonnen, de strategische zoetwaterbuffers als IJsselmeer, Volkerak Zoommeer en Brielse Meer, is de harde realiteit.
Onontkoombaar is ook het vraagstuk van de nu nog grotendeels open (wel tijdelijk afsluitbare, zie o.a. de Maeslantkering) Rijn-Maasmonding. Hier loost Nederland zijn overtollige water (in perioden met veel regenval tot piekbuien aan toe) onder vrij verval. Hoe verhoudt zich dat tot een stijgende zeespiegel, volgens de huidige prognoses ruim één meter omstreeks 2100? Wanneer breekt het moment aan dat Nederland megapompen nodig heeft om rivierwater te lozen?
Letterlijk even indringend is de zouttong die steeds vaker tot (voor)bij Gouda aan het heldere water uit de Alpen likt. Is een verdere afsluiting van de riviermondingen, met name de kunstmatig op grote diepte gehouden Nieuwe Waterweg de oplossing in de strijd tegen de verzilting?
We weten inmiddels dat dit middel erger is dan de kwaal.
De onafwendbare besluiten over de Rijn-Maasmonding zijn niet voor niets de lastigste van het Nationale Deltaprogramma. Ze vragen om meer ongemakkelijke gesprekken omdat in wereldstad Rotterdam waterveiligheid, zoetwaterbeschikbaarheid, een open economie, leefbaarheid én nationale veiligheid sterker dan waar ook bij elkaar komen. Juist in de Rijnmond raken water en weerbaarheid elkaar hard:
- De vergroenende haveneconomie is aangewezen op een stabiele aanvoer van zoet (proces)water
- Een groeiende bevolking kan niet zonder een gegarandeerde toegang tot gezond drinkwater
- Een deels verzakkende stad op slib en industriële assets van internationale allure zijn afhankelijk van een Maeslantkering II die ook na 2070 bescherming biedt tegen een stijgende zeespiegel
- Bescherming is even hard nodig als de rivieren een watermassa aanvoeren uit bovenstrooms gebied, doordrenkt door zware regenval
- Of als die spreekwoordelijke Limburgse piekbui van 2021 een keer de versteende stad aan de Rotte geselt, een metropool waarin oprukkende bebouwing en harde infrastructuur zones dreigen te bezetten waar ooit dijkverhoging en – verbreding nodig zijn.
Ruimte voor water in de Rijnmond, waar de concurrentie om ruimte steeds scherper wordt. Precies daar moet Nederland beginnen met watershockproof worden. Shockproof ten opzichte van klimaatextremen, shockproof ten aanzien van stroomuitval, shockproof in relatie tot spionage, misschien zelfs sabotage. Ook het geopolitieke klimaat verandert immers en maakt deze metropool kwetsbaar.
Europoort, de poort naar Europa, is de knap gekozen naam voor een met open zee verbonden regio die Nederland en Europa al zo lang grote welvaart levert. De poort naar Europa staat óók open voor de doorvoer van munitie naar Oekraïne, wellicht ooit voor de aanvoer van geallieerde troepen naar een mogelijk Oostfront. Staan wij dan gesteld?
Als de waterwerken ons beschermen tegen het water, beschermen wij de waterwerken dan tegen de (langdurige) uitval van stroom of een vijandelijke aanval? Me dunkt, we kunnen geen dag verliezen met het watershockproof maken van Nederland, te beginnen in de Rijnmond.
Jan Bonjer, dijkgraaf waterschap Hollandse Delta