Nieuw meetnet slootwaterkwaliteit

Het waterschap gaat aanvullend onderzoek doen naar de kwaliteit van het water in kleinere sloten. Het nieuwe meetnet komt boven op het bestaande onderzoek in grote wateren, zoals meren, kanalen en grotere sloten. Met deze uitbreiding wil het waterschap meer inzicht krijgen in hoe schoon en gezond het oppervlaktewater is in het hele werkgebied.

Het onderzoek vindt plaats op het Eiland van Dordrecht, Goeree-Overflakkee, in de Hoeksche Waard, IJsselmonde, Rozenburg en Voorne-Putten. De metingen gaan over zowel de biologische als de chemische kwaliteit van het water.

258 meetplekken

Tussen 2026 en 2029 worden er op 258 locaties watermonsters genomen. Dit werk wordt uitgevoerd door medewerkers van waterschapslaboratorium AQUON. Veel locaties zijn bereikbaar vanaf de openbare weg. Soms ligt de sloot op privéterrein. In dat geval vraagt het waterschap eerst toestemming aan de eigenaar.

Hoe vaak wordt er gemeten?

Op sommige meetlocaties wordt zeven keer gemeten, maandelijks van maart tot en met  september. Op andere plekken is twee keer meten voldoende: één keer in het voorjaar en één keer in de zomer. 

Kleinere sloten schoner?

Met dit nieuwe meetnet krijgt het waterschap een beter beeld van de waterkwaliteit in de kleinere sloten van het watersysteem. De verwachting is dat er verschillen zijn in de waterkwaliteit tussen kleine sloten en de grotere wateren. In de kleinere sloten is de kwaliteit van het water in een aantal gevallen schoner dan in grotere, bredere sloten. Met deze nieuwe inzichten kan het waterschap gerichter werken aan schoon en gezond water voor mens, dier, landbouw en natuur.