

Overal om ons heen is water. Het regent, het zit in de bodem en in sloten, plassen, kanalen en rivieren. Water is belangrijk voor nu en later! Voor onszelf en voor de natuur.
Het water wat wij thuis door de wc, de gootsteen, de wasbak en het doucheputje spoelen gaat naar de riolering. Maar dan... waar blijft dat afvalwater en wat wordt hier mee gedaan?
Het zuiveren van al het afvalwater in Zuid-Holland Zuid gebeurt in de rioolwaterzuiveringsinstallaties van waterschap Hollandse Delta. Elke inwoner gebruikt per dag ongeveer 120 liter water uit de kraan. Water om te drinken, te wassen en het toilet door te spoelen. Het gebruikte water is verontreinigd met onder meer schoonmaakmiddelen, voedselresten, zeepresten en allerlei zaken die door de gootsteen en het toilet spoelen. Al dat water gaat via het riool naar één van de 22 rioolwaterzuiveringinstallaties in het gebied. Daar wordt het gezuiverd tot het weer zo schoon is dat het op het oppervlaktewater kan worden geloosd.
Bedrijven gebruiken water als proceswater, koelwater en spoelwater. Als het water niet meer geschikt is voor verder gebruik, dan wordt het afgevoerd. Sommige bedrijven hebben een eigen installatie waarin het vieze water gedeeltelijk schoongemaakt wordt. Al dit afvalwater komt via de riolering bij de rwzi's terecht.
Om het water schoon te houden, zijn er strenge regels voor bedrijven die afvalwater lozen (op het riool of op oppervlaktewater). Bedrijven die veel of sterk verontreinigd afvalwater hebben, hebben een lozingsvergunning nodig. Daarin staat hoeveel water er mag worden geloosd, welke stoffen er in mogen zitten en in welke hoeveelheid. De voorwaarden in een lozingsvergunning zijn bedoeld om lozingen van giftige stoffen te beperken. Bedrijven veranderen soms hun processen om zo min mogelijk afvalwater met verontreinigende stoffen te krijgen. De milieu-inspecteurs van het waterschap controleren op de naleving van de regels.
Het afvalwater van huizen en bedrijven, maar ook het regenwater van daken, straten en bedrijventerreinen komt terecht in de riolering. De gemeente is verantwoordelijk voor de inzameling van het afvalwater. Dat betekent zorgen voor de aanleg, het beheer en het onderhoud van het rioleringssysteem. Elke gemeente heeft daarvoor een rioleringsplan. Inzamelen van afvalwater houdt ook in zorgen voor tijdelijke opvang van rioolwater. Wanneer het in korte tijd pijpenstelen regent, moet het riool als een buffer werken. Soms blijft het zo hard doorregenen, dat sterk verdund rioolwater in sloten en singels terechtkomt via overstorten. Gemeenten en waterschap proberen dit te voorkomen door onder meer extra opslagruimte in de bestaande riolering aan te brengen. Veel gemeenten leggen tegenwoordig bij nieuwe woonwijken en bedrijventerreinen een 'verbeterd gescheiden rioolstelsel' aan. Deze brengt het sterk verontreinigde afvalwater en het eerste regenwater dat ook verontreinigd is naar het riool en het overige regenwater direct naar het oppervlakte, een sloot of een singel. De riolering brengt het afvalwater naar de rioolgemalen. Deze pompstations persen het vervolgens naar een rwzi. Wilt u meer weten over hoe Hollandse Delta werkt en welke plannen er zijn, volgens welk rioleringsbeleid Hollandse Delta werkt en meer rioleringszaken.
Klik op deze afbeelding om te vergroten (920 kb)
Wanneer het vieze water op een rwzi binnenkomt vanuit het riool dan stinkt het, omdat het al is gaan ‘rotten'. Dat binnenkomende afvalwater heet influent. Pompen en vijzels brengen het water op hoogte, zodat het daarna onder vrij verval door de hele installatie kan lopen. Elke volgende stap in het schoonmaakproces is een stukje lager.
Het influent bevat 'grove' delen zoals stukken hout, (tennis)ballen, mobiele telefoons en plastic zakken, die leidingen en pompen kunnen verstoppen. Daarom stroomt het afvalwater meestal door een grofvuilrooster dat dit vuil tegenhoudt. Deze grove delen komen dan samengeperst in een container, waarna een vuilophaaldienst het met containers afvoert naar een vuilverbrandingsinstallatie.
Vanuit het beluchtingscicuit stroomt het water naar een nabezinktank. Het actief slib heeft zijn werk gedaan en wordt hier gescheiden van het gezuiverde water. Het gezuiverde water is nu voor ruim 95 procent biologisch gereinigd en mag terug de sloten en rivieren in.
Klik op de afbeelding om te vergroten (371kB)
| 1. Influentgemaal | 5. Denitrificatietank | 9. Effluentgemaal | 13. Luchtfilters |
| 2. Ontvangwerk met grofvuilrooster | 6. Nitrificatietank | 10. Retourslibvijzel | 14. Bedrijfsgebouw |
| 3. Selector | 7. Beluchtignscircuit | 11. Slibverwerkingsgebouw | 15. Kanaal/rivier |
| 4. Anaërobe tank | 8. Nabezinktank | 12. Slibsilo | 16. Reserveterrein |
Gezuiverd afvalwater is geen drinkwater. Er zitten nog stoffen in die de bacteriën en andere micro-organismen er niet uit halen en die schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid. Ook ziekteverwekkende organismen die binnenkomen op een installatie worden niet allemaal verwijderd. Maar deze gaan meestal vrij snel dood als zij met het gezuiverde water in oppervlaktewater komen. Wanneer gezuiverd afvalwater direct terechtkomt in zwemwater, behandelen wij dit met chloorbleekloog of met UV-stralen om de mogelijke ziekteverwekkers te vernietigen.
Wat overblijft van het zuiveringsproces is het zogenaamde zuiveringsslib. Dit is meer slib dan aan het afvalwater toegevoegd is, omdat de bacteriën zich tijdens het zuiveringsproces vermenigvuldigd hebben. Een deel van het slib gaat terug naar de selector, waar de bacteriën opnieuw hun werk doen. Het teveel aan slib wordt met indikkers en centrifuges zo veel als mogelijk ontwaterd, waarna het lijkt op zwarte grond. Het ontwaterde slib wordt opgeslagen in een silo, die een aantal keer per week wordt geleegd. Het slib gaat dan voor verdere verwerking naar de slibverbranding in Dordrecht.
Nieuwere installaties worden tegenwoordig geheel automatisch bestuurd. Met een computer zijn ze vaak allemaal centraal te bedienen. Onderdelen van de rwzi zijn op een signaleringssysteem aangesloten. Ook al is de rwzi onbemand, dan kunnen medewerkers toch ook 's avonds en in de weekenden direct reageren op storingen. Bij grotere, centrale rwzi's zijn ook de rioolgemalen die het water aanvoeren aangesloten op dit systeem.
De ontwikkelingen binnen de afvalwaterzuiveringstechnologie staan niet stil. De rwzi zoals we die nu kennen is gebaseerd op zuiveringsmethoden uit het begin van de vorige eeuw. Deze techniek is steeds uitgebreid met geavanceerdere verwijderingstechnieken om het water zo schoon mogelijk te kunnen lozen op het oppervlaktewater. Met de jaren komt steeds meer het besef dat we aan de ene kant nog vergaander zullen moeten gaan zuiveren en we aan de andere kant energie en meststoffen uit het afvalwater kunnen terugwinnen. We zullen nog meer vervuilende stoffen uit het water moeten halen, omdat medicijnresten en hormonen die in het afvalwater zitten effect hebben op de flora en
fauna in het oppervlaktewater. Deze stoffen verdwijnen niet vanzelf en er zijn ontwikkelingen nodig om de lozing hiervan tegen te gaan. Dat kan bijvoorbeeld door op specifieke plaatsen als bij ziekenhuizen en verzorgingshuizen de urine separaat in te zamelen met speciale wc's en apart te behandelen. Een andere ontwikkeling is dat er veel energie in influent zit, in de vorm van organische stof: Deze energie willen we er op een slimme manier uit halen en omzetten in biogas of elektriciteit en bruikbare warmte om zo te komen tot een energieneutrale of zelfs -producerende afvalwaterzuivering: De Energiefabriek. Alle aspecten van de afvalwaterzuivering worden bekeken met een energiebril en waar het proces aangepast of vernieuwd kan worden, wordt dit gedaan. Om tot een energiefabriek te komen, moeten ook nieuwe technologieën ontwikkeld worden, waar op dit moment hard aan gewerkt wordt. Dit alles wordt mede gedaan in het kader van het klimaatakkoord dat de waterschappen hebben gesloten, waarin staat dat we in 2020 30% minder energie gaan gebruiken en de uitstoot van broeikasgassen verminderen.
Tot slot zitten er ook waardevolle stoffen als fosfaat in afvalwater. Fosfaat is een belangrijke meststof en net als fossiele energie, is fosfaaterts een eindige bron. Daarom is het belangrijk om andere bronnen van fosfaat te vinden en kijken we naar de terugwinning van fosfaat uit ons afvalwater om vervolgens weer af te zetten in de landbouw.
Zelf een kijkje nemen op een rioolwaterzuiveringsinstallatie?
Wij organiseren rondleidingen voor scholen vanaf groep 7/8 en het voortgezet onderwijs. Kijk voor meer informatie op http://redactie.whd.prod.x4.waterschapshuis.asp4all.nl/aspx/197259
Waterschap Hollandse Delta onderhoudt graag intensief contact met studenten en docenten in het hoger onderwijs. Bovendien dragen wij graag bij aan de praktijkkennis van de opleiding, bijvoorbeeld door het organiseren van een dagexcursie.