home
Ga direct naar het hoofdmenu of de inhoud.

Doelen voor de waterkwaliteit

Doelen voor de waterkwaliteit

Sloten, kanalen, rivieren, meren, kustwateren en grondwateren: de Europese wateren moeten in 2015 schoon zijn. Maar wat is schoon?
In de Kaderrichtlijn staat als doel dat de wateren in een zogenoemde ‘goede toestand’ moeten verkeren. Om precies te zijn: een goede chemische toestand en een goede ecologische toestand.

Chemische toestand

In water kunnen heel veel verschillende chemische stoffen voorkomen. Zo kun je denken aan: lood, cadmium en kwik. In totaal zijn er 209 chemische stoffen benoemd waarvoor Europees of nationaal normen opgesteld moeten worden. De Europese Unie bepaalt voor 44 stoffen de norm. Sommige stoffen mogen nog in kleine concentraties aanwezig zijn. Andere mogen vanaf 2020 helemaal niet meer in het water voorkomen. Voor de overige stoffen wordt op nationaal niveau een norm vastgesteld. De normen, oftewel chemische doelen, moeten in alle wateren in het gebied voor alle stoffen worden behaald.

Ecologische toestand

De Europese Unie heeft een kader opgesteld voor de ecologische doelen. Binnen dit kader stelt het waterschap samen met gemeenten en belangengroeperingen de ecologische doelstellingen op. Deze doelstellingen moeten vervolgens door de provincie worden vastgesteld. Lokale partijen hebben door middel van inspraak invloed op de ecologische doelstellingen.

Niet vrijblijvend

De doelstellingen (chemisch én ecologisch) zijn niet vrijblijvend. Ze moeten in 2015 zijn gehaald; de weg er naartoe mogen de lidstaten van de EU zelf invullen, mits ze er alles aan doen om de doelstellingen te halen. In 2009 moeten lidstaten in een plan aankondigen welke maatregelen ze daarvoor gaan nemen. De EU controleert de lidstaten en kan boetes opleggen. De Europese Unie kan controleren op de uitgevoerde maatregelen of op de behaalde doelstellingen. Op dit moment is nog niet duidelijk hoe de Europese Unie hier invulling aan geeft.

Uitstel mogelijk

Waterschap Hollandse Delta doet, net als alle partijen die betrokken zijn bij de KRW, er alles aan om de doelstellingen in 2015 te behalen. Mocht dit echter niet lukken, dan moet worden aangetoond waarom het, ondanks het opgestelde en uitgevoerde pakket maatregelen, niet gelukt is om aan de normen te voldoen. Als deze verklaring toereikend is, kan Brussel een ‘herkansing’ van zes of twaalf jaar geven. Zo niet, dan kan er uiteindelijk een boete volgen.

Paginafuncties

home
Naar boven